Doe-het-zelf

Wax melts maken: geurblokjes gieten zonder lont

Wax melts zijn geurblokjes zonder lont die je smelt in een brander of elektrische waxbrander. Ze maken is eenvoudiger dan kaarsen gieten: je hoeft geen lont te kiezen en geen wasplas te beoordelen. Smelt de was tot ongeveer 80 °C, voeg bij 55–60 °C 8 tot 10% geurolie toe, giet bij 50–55 °C in een siliconen mal en laat 24 uur uitharden.

Omdat er geen vlam is die de geur mee omhoog trekt, mag de geurbelasting bij melts hoger liggen dan bij kaarsen: 8 tot 12% is gebruikelijk, mits jouw was dat aankan. Wat de maximale belasting is, staat op het datablad van de fabrikant. Hieronder het volledige recept, de juiste wassoorten en de fouten die brokkelige of vette blokjes opleveren.

Bekijk siliconen mallen voor wax melts op Amazon.nl →

Transparantie: links naar Amazon.nl op deze pagina zijn affiliate-links. Koop je via zo’n link, dan ontvangen wij een kleine commissie. Jij betaalt niets extra en het beïnvloedt ons advies niet.

Welke was gebruik je voor wax melts?

Voor melts wil je een was die hard genoeg is om uit de mal te komen en niet uit elkaar valt in de verpakking, maar die wel snel smelt in de brander. Containerwas voor kaarsen is daarvoor vaak net te zacht.

  • Speciale wax melt-was: meestal een soja- of kokosmengsel met een hoger smeltpunt. Geeft strakke blokjes met scherpe randen en een sterke geurafgifte. De makkelijkste keuze.
  • Sojawas voor pillars: harder dan containerwas en prima bruikbaar, zeker in combinatie met een siliconen mal. Meer daarover bij sojawas kopen.
  • Paraffine of parasoja-mengsel: geeft de sterkste en snelste geurpiek en lost heel glad. Minder natuurlijk, maar in melts brandt er niets, dus roetvorming speelt geen rol.
  • Bijenwas: ruikt van zichzelf al naar honing en overstemt subtiele geuren. Kan wel, maar niet als je een schone basis zoekt.

Containerwas voor kaarsen kun je gebruiken, maar reken dan op zachte blokjes die in de zomer plakken. Los je dat op met een schepje harde was of kies je meteen een was speciaal voor wax melts, dan scheelt dat een hoop gepriegel.

Het recept, stap voor stap

  1. Weeg af. Een standaard mal met zes vakjes vraagt ongeveer 100 tot 120 gram was. Weeg 10% extra af voor wat in de kan achterblijft.
  2. Smelt au bain-marie tot circa 80 °C. Roer rustig door zodat alle vlokken volledig oplossen. Niet direct op het vuur en niet boven de 90 °C.
  3. Kleur toevoegen bij 75–80 °C. Optioneel, en houd het licht: melts worden na verloop van tijd toch bleker. Gebruik kleurchips voor kaarsen, geen voedingskleurstof, zie kaarsen kleuren.
  4. Laat afkoelen tot 55–60 °C. Voeg dan de geurolie toe: 8 tot 12% van het wasgewicht, dus 8 tot 12 gram per 100 gram. Blijf onder het maximum dat jouw was volgens het datablad kan opnemen.
  5. Roer twee minuten. Rustig, van onder naar boven, zonder luchtbellen te slaan. Slecht mengen is de hoofdreden dat melts vettig aanvoelen.
  6. Giet bij 50–55 °C in de mal. Vul de vakjes gelijkmatig en tik de mal een paar keer op tafel om luchtbellen te laten ontsnappen.
  7. Laat 24 uur uitharden op kamertemperatuur, tochtvrij. Niet in de koelkast: dan krimpen ze ongelijk en breken ze bij het uitnemen.
  8. Haal uit de mal en laat curen. Bewaar de melts een tot twee weken in een gesloten zakje of doosje voor je ze gebruikt. Ook hier geldt: gecureerde melts ruiken merkbaar sterker.

Mallen: waar je op let

Siliconen mallen zijn de standaard, want daar komen de blokjes zonder losmiddel uit. Kies een mal met een dikke wand: dunne mallen vervormen bij het uitnemen en geven scheve randen. Vakjes van 15 tot 20 gram per stuk werken het prettigst, dat is precies wat in een gemiddelde brander past. Klassieke rechthoekige clamshells van kunststof zijn een alternatief als je je melts wilt weggeven of verkopen; je giet er direct in en klapt ze dicht. Meer over materiaalkeuze en losmiddelen lees je bij gietvormen en mallen voor kaarsen. Een set siliconen mallen voor wax melts kost weinig en gaat jaren mee.

Hoeveel geur, en welke?

Bij een kaars zit je met 6 tot 10% aan het plafond omdat te veel olie de vlam laat walmen. Die beperking geldt bij melts niet: hier is de bovengrens puur wat de was kan vasthouden voor de olie gaat uitzweten. Voor de meeste wassoorten ligt dat tussen 10 en 12%. Ga je daaroverheen, dan krijg je een vettig laagje op je blokjes en druppels in de verpakking. Speciale kaarsengeurolie werkt het beste; etherische olie vervliegt sneller en geeft in een brander vaak maar een halfuur geur. Welke oliën zich goed houden en hoe je doseert staat in onze gids over geurolie voor kaarsen.

Wax melts gebruiken en bewaren

Leg één blokje van 15 tot 20 gram in het schaaltje van je brander. Bij een theelichtbrander duurt het vijf tot tien minuten voor de geur zich verspreidt; een elektrische brander is trager maar veiliger en geeft geen roet. De geur van één blokje houdt gemiddeld zes tot tien uur aan, verdeeld over meerdere sessies. Is de geur op, dan blijft de was gewoon liggen: die verdampt niet. Laat hem stollen, wip het schijfje eruit met je duim en gooi het bij het restafval. Bewaar melts koel, donker en luchtdicht; boven de 25 °C worden ze zacht en plakken ze aan elkaar.

Veelgemaakte fouten

  • Geur toevoegen in kokend hete was. Boven de 65 °C vervliegt een deel van de kopnoten direct; je ruikt het verschil later terug.
  • Te vroeg uit de mal wrikken. Wacht een volle 24 uur. Blokjes die breken bij het uitnemen waren simpelweg nog niet uitgehard.
  • Te veel olie. Bij 15% krijg je geen sterkere geur maar vette blokjes en een olievlek in de verpakking.
  • Verkeerde was. Zachte containerwas in de zomer geeft een mal vol pudding. Kies pillar- of melt-was.
  • Meteen gebruiken. Verse melts geven maar een fractie van hun geur; wacht een week.

Wil je van melts overstappen naar echte kaarsen, of andersom? De basistechniek is identiek en staat beschreven in kaarsen maken voor beginners. Zoek je een project met wasresten, kijk dan bij oude kaarsen hergebruiken: opgesmolten kaarsresten zijn ideaal om er melts van te gieten. Alle gidsen vind je op de hub over zelf kaarsen maken.

Veelgestelde vragen

Hoeveel geurolie gaat er in wax melts?

Reken op 8 tot 12 procent van het wasgewicht, dus 8 tot 12 gram olie per 100 gram was. Dat is meer dan in een kaars, omdat er geen vlam is die de geur laat walmen. Het maximum wordt bepaald door wat jouw was kan vasthouden; kijk daarvoor op het technische datablad van de leverancier.

Waarom ruiken mijn wax melts zwak?

Meestal spelen drie oorzaken: de olie is bij een te hoge temperatuur toegevoegd en deels vervlogen, er is te kort geroerd zodat de olie niet is gebonden, of de melts zijn te vers. Laat ze een tot twee weken in een gesloten zakje curen en test daarna opnieuw.

Kan ik kaarsresten gebruiken voor wax melts?

Ja, en dat is een van de beste toepassingen voor restjes. Smelt de was om, zeef lontresten en roet eruit met een fijne zeef of koffiefilter, en giet in een mal. Meng wel geen wassoorten met heel verschillende smeltpunten door elkaar, dat geeft brokkelige blokjes.

Hoe lang gaat een wax melt mee?

Een blokje van 15 tot 20 gram geeft gemiddeld zes tot tien uur geur, verdeeld over meerdere sessies van een paar uur. Daarna is de olie op maar blijft de was liggen: die verdampt niet. Laat de was stollen en wip het schijfje uit het schaaltje.